Ikan Bali (zoetpittige gesmoorde makreel uit Bali)
Ingrediënten
Voor de kruidenpasta (boemboe):
- 1 grote sjalot of 3 kleine sjalotten
- 3 knoflooktenen
- 2 eetlepels sambal ketjap (van Amsterdam Cooking Workshops)
- 3 eetlepels ketjap manis
- 1 eetlepel palmsuiker, fijngehakt
- 1 theelepel gefermenteerde garnalenpasta (trassi), bij voorkeur van Faja Lobi
Voor de makreel:
- 4 verse makrelen, alleen de filets (8 filets totaal)
- 4 limoenblaadjes (djeroek poeroet), ingescheurd
- 2 citroengrasstengels (sereh), gekneusd
- 4 eetlepels plantaardige olie (pinda, rijst, zonnebloem)
Voor de garnering:
- gefrituurde uitjes / sjalotjes
- 4 limoenblaadjes (djeroek poeroet), nerf verwijderd en fijngehakt
Bereidingswijze
- Pel de sjalot(ten) en knoflooktenen en snij grof. Doe de sjalot(ten) en knoflooktenen in een keukenmachine samen met sambal ketjap, ketjap manis, palmsuiker en
garnalenpasta. Maal de ingrediënten in de keukenmachine totdat een gladde pasta (boemboe) ontstaat. - Verhit 2 eetlepels olie in een grote koekenpan. Dep de makreelfilets droog met keukenpapier. Bak de makreelfilets aan beide kanten 2 minuten totdat de vis lichtbruin is. Verwijder de vis uit de pan en hou apart.
- Voeg de resterende 2 eetlepels olie toe aan de zojuist gebruikte pan en bak de boemboe met de ingescheurde limoenblaadjes en gekneusde citroengrasstengels 5
minuten. - Voeg de makreelfilets (huidkant naar boven) toe en bak 2 minuten. Schep met een lepel wat van de saus over de huidkant van de makreel.
- Doe de deksel op de pan en laat 10 minuten sudderen. Voeg een beetje water toe als de boemboe te droog is of aanbrandt.
- Haal de makreelfilets uit de pan en leg ze met de huidkant naar beneden op een bordof serveerschaal. Voeg ter garnering gefrituurde uitjes / sjalotjes toe en maak het af met wat fijngehakte limoenblaadjes.